In één doorgaande lijn van peuter naar puber op de Familieschool

Ontwikkeling staat centraal op de Familieschool. Niet alleen voor de kinderen, maar ook voor het vakmanschap van het team en het kindcentrum als geheel.

 In één doorgaande lijn van peuter naar puber op de Familieschool
Terug naar ovezicht
__wf_reserved_inherit

Opa’s en oma's brengen hun kleinkinderen weg - en zaten er zelf vroeger ook in de schoolbanken. Leerkrachten die er lesgeven, leerden er vroeger zelf wat zij nu aan hun kinderen uitleggen. Dat is de Familieschool. Ruim honderd jaar historie, die doorleeft in delen van het gebouw én de mensen van alle leeftijden die er dagelijks komen, is voelbaar. En ontwikkeling staat er altijd centraal. Niet alleen voor de kinderen, maar ook voor het vakmanschap van het team en het kindcentrum als geheel.

“Als peuter komen ze bij ons binnen en als puber laten wijze weer los”, begint Hanneke Staarink, ib’er voor de peuters en kleuters, het gesprek. “Wij hebben de taak om ze door die ontwikkeling te begeleiden. De peuters zitten in een apart lokaal, maar ze zijn meteen al onderdeel van het kindcentrum. We werken onderling veel samen, zodat kinderen samen kunnen spelen en van elkaar leren. Peuters zitten in dezelfde gang als de kleuters, dus voor hen is de stap naar de basisschool veel minder groot. En omdat we de kinderen al op zo’n jonge leeftijd leren kennen, kunnen we voorsorteren op eventuele extra begeleiding of zorg die nodig is vanaf de kleuterklas of groep 3.”

Het samenwerken werkt door in de hele Familieschool, legt kwaliteitscoördinator Mirjam Wouda-Gramsma uit. “‘Samenwerken’ is - net als ‘gelijkwaardigheid’, ‘verantwoordelijkheid’ en ‘genieten’ - één van onze kernwaarden. Kinderen uit de bovenbouw lezen bijvoorbeeld samen met de kinderen uit groep 3. De oudsten pakken daarin de rol van mentor en maatje voor een jonger kind.”

__wf_reserved_inherit

Ontwikkelteams en koffiecolleges

Mandy Loos, taalspecialist en leerkracht van groep 7, vervolgt: “Ook binnen ons team ligt de focus op samenwerken en van elkaar leren. Sinds dit schooljaar werken we met vier ontwikkelteams in de vakgebieden taal, rekenen, gedrag en burgerschap. In die teams zitten specialisten van dat vakgebied, leerkrachten van de kleuter-, onder-, midden- en bovenbouw, een ib’er en een bouwvertegenwoordiger van elke bouw.”

“Met die ontwikkelteams organiseren we bijvoorbeeld koffiecolleges voor de rest van het team van de Familieschool”, vervolgt Patrick van Erve, leerkracht van groep 8 en bouwvertegenwoordiger van de bovenbouw. “Die colleges gaan over de ontwikkelingen in het vakgebied van het betreffende ontwikkelteam. Zo blijft iedereen die werkzaam is op de Familieschool op de hoogte van wat er speelt binnen die vier thema’s en de samenwerkingen tussen ons als leerkrachten, ib’ers, specialisten en bouwvertegenwoordigers. We inspireren elkaar, vertellen over systemen en methodes waar we mee werken of doen een activiteit die leerkrachten vervolgens ook met hun groepen kunnen doen.”

In drie fases naar vakmanschap

“Ons vakmanschap centraal stellen is het resultaat van een nieuwe manier van werken op de Familieschool”, legt Mirjam uit. “Het is een koers die we uitrollen in fases, gericht op het idee dat we allemaal een rol hebben in de gehele ontwikkeling van onze kinderen, van peuter tot puber - niet alleen voor de kinderen in onze eigen klas. We begeleiden ze collectief door hun hele schoolcarrière heen, niet alleen door het jaar dat we toevallig hun leerkracht of ib’er zijn. En we ontwikkelen onszelf hiermee ook: we omarmen ons vakmanschap, dagen onszelf uit door doelen te stellen en leren van experts en elkaar.”

Patrick vertelt: “In de eerste fase hebben alle ib’ers en bouwvertegenwoordigers een coachingstraject gedaan bij Roel van As, waarin we hebben ingezoomd op de kernwaarden van de Familieschool en hoe wij daaraan bijdragen vanuit ons vakmanschap.”

“We hebben gekeken naar onze rol in het geheel”, vult Hanneke aan. “Hoe dragen wij in onze rol bij aan de ontwikkeling van ieder kind? Ib’ers focussen op wat de kinderen qua begeleiding (extra) nodig hebben, als bouwvertegenwoordiger houd je je bezig met overkoepelende processen en afspraken. Soms zit je vanuit je rol een beetje vast in een bepaalde situatie. We hebben geleerd om ons perspectief te vergroten, zodat we beter kunnen handelen. Hoe ondersteunen we hierin elkaar, hoe bespreken we de dingen die de een wel ziet en de ander niet?”

“Want alles wat we zien en niet benoemen, staan we toe”, stelt Patrick. “De dingen waar we naar streven in het kindcentrum, moeten breed gedragen worden. Iedereen draagt zijn of haar steentje bij en tijdens de coaching hebben we geleerd hoe we die verantwoordelijkheid pakken. Als een kind of collega iets doet dat niet strookt met onze waarden en/of afspraken, moeten we diegene erop aanspreken. Allemaal met het grotere doel voor ogen om professioneler samen te werken.”

__wf_reserved_inherit

In fase twee, waar we dit schooljaar in zitten, volgen de vakspecialisten een opleiding of versterken zij hun kennis en kunde op een andere manier. “We hebben twee taalspecialisten, twee rekenspecialisten en twee gedragsspecialisten”, vervolgt Mirjam. “Ook zetten we in op de verbinding tussen ib’ers en bouwvertegenwoordigers. Zij geven samen richting aan de ontwikkeling in de bouw, voeren periodiek overleg, ib’ers leggen klassenbezoeken af en beoordelen samen of er ergens iets extra’s nodig is.”

De specialisten hopen tijdens de opleiding hun kennis te verbreden en leerkrachten te ondersteunen binnen hun ontwikkelteam. “Samen met de anderen uit het ontwikkelteam Taal nemen we bijvoorbeeld onze huidige methode onder de loep en bepalen we wat erin ontbreekt”, vertelt Mandy. “We schrijven een plan om dit aan te vullen en dat gaan we implementeren in de hele school. En als leerkrachten ergens tegenaan lopen binnen het taalonderwijs, zijn de specialisten de eerste vraagbaak.”

In de derde fase, als intern alles op rolletjes loopt, gaat de Familieschool kijken naar hoe zij ouders, de wijk (‘t Kruis) en bedrijven nog meer kunnen betrekken. “Dan focussen we ons op onderdeel worden van de community”, legt Mirjam uit. “Wat geven wij aan de gemeenschap en wat kan de gemeenschap teruggeven aan het kindcentrum? Maar daar zijn we nu nog niet, de focus ligt nog intern.”

__wf_reserved_inherit

Professionaliteit én plezier

“We zijn nu een tijdje onderweg en ik merk dat we de inzichten die we hebben gehad langzaam maar zeker uitrollen in de school”, aldus Hanneke. “We weten bij wie we terecht kunnen met elke vraag. De motivatie is hoog en we omarmen steeds meer het gedachtegoed dat we als team verantwoordelijk zijn voor alle kinderen op de Familieschool - niet alleen voor het leerjaar waarin we werken. Het preventief werken en op tijd signaleren van behoeften bij kinderen gaat goed. De soepele, doorgaande lijn waar we naar streven wordt steeds beter zichtbaar.”

“We zijn goed op weg met de zorgstructuur”, vult Mirjam aan. “We hadden eerst slechts op drie dagen een ib’er beschikbaar. Nu hebben we vier ib’ers die samen vijf dagen werken, en ik ben er als kwaliteitscoördinator ook nog eens drie dagen. Dankzij deze capaciteit zijn we preventief aan het werk en kunnen we direct overgaan op interventie in plaats van achteraf brandjes blussen. Op het gebied van inhoudelijke zorg is nu al een groot verschil zichtbaar en de ambitie is dat het straks staat als een huis.”

 “Deze nieuwe structuur ondersteunt de cultuur van de school”, stelt Patrick. “Het is overzichtelijker, duidelijker en we bouwen samen aan de lerende organisatie die we willen zijn.”

 “Het is inspirerend om op deze manier samen te werken”, besluit Mandy. “We hebben meer interne expertise tot onze beschikking en gaan professioneler om met ons vakmanschap, elkaar en de kinderen. Dat vergroot het plezier, wat ook een hele belangrijke kernwaarde is op onze school; samen genieten.”

Andere verhalen