TAO: de knop om voor meer werkplezier

Collectieve en morele verantwoordelijkheid voor onze kindontwikkeling

TAO: de knop om voor meer werkplezier
Terug naar ovezicht
__wf_reserved_inherit

Blosse moedigt experimenteren, proberen en leren aan - niet alleen voor de kinderen, maar ook voor onszelf. Omdat we werken vanuit vertrouwen, kunnen medewerkers de regie over hun vakmanschap krijgen én behouden. Dan is het wel belangrijk dat de arbeidsorganisatie zó is ingerichtdat wij dit mogelijk maken. Een manier waarop dat kan, is met behulp van TAO (teamgerichte arbeidsorganisatie). En daar gaan we de komende jaren mee aan de slag. 

Maar wat is dan die TAO? Hoe kan dat eruitzien op onze locaties? Om die vragen te beantwoorden, gingen we om tafel met het brein achter TAO, onderzoeker Ben van der Hilst, en Lotteke de Kruijff en Chris deJager, TAO-adviseurs die organisaties begeleiden bij implementatie in de praktijk. 

TAO in een notendop 

“TAO is een manier van werken waarbij leerkrachten en pedagogisch professionals in teams een paar jaar lang rondom een groep kinderen georganiseerd zijn”, legt Ben uit. “Denk aan vijf professionals die zorg dragen voor honderd kinderen en collectieve verantwoordelijkheid nemen voor de ontwikkeling van ieder kind in deze groep. Zowel binnen opvang als in het onderwijs kun je nog steeds je eigen groep hebben, maar er is sprake van collectieve verantwoordelijkheid voor een groter geheel, zodat professionals met elkaar meedenken over de ontwikkeling van die kinderen in brede zin. Daarbij zet elke professional diens talenten en competenties optimaal in voor de hele groep en dat leidt tot kwaliteitsverhoging van het ontwikkelingsgerichte aanbod. Andere voordelen van teamgericht werken zijn meer innovatief vermogen en wendbaarheid in de organisatie.”

__wf_reserved_inherit

Ben implementeerde deze manier van werken onder andere als rector op een middelbare school en ontdekte dat er nauwelijks literatuur was over deze organisatiestructuur. Hij besloot het te onderzoeken en promoveerde in 2019 op zijn proefschrift ‘Sturen op kwaliteit, wendbaarheid en werkplezier’. Die titel viel niet uit de lucht. “Wat mij opvalt, is dat het werkplezier op scholen enorm toeneemt als professionals intensief in teams samenwerken”, vertelt Ben. 

“Waar het de afgelopen decennia jaar in mijn ogen is‘ misgegaan’, is dat er in het onderwijs termen uit het bedrijfsleven zijn geïntroduceerd - dat er bijvoorbeeld gepraat werd over ‘management’ in plaats van ‘leiderschap’ - en dat schoolleiders zijn opgeleid om aan te sturen en te controleren. Zij maken de plannen, die worden uitgerold in de school - en iedereen moet erin mee. Medezeggenschapsraden zijn opgericht om professionalste beschermen tegen het ‘kwade’ denken en handelen van bestuurders. Dit proces van de-professionalisering heeft een negatief effect gehad op leerkrachten en pedagogisch professionals, omdat zij geen autonomie meer hadden in hun vak.” 

Hadden, volgens Ben. Want: er is een ommekeer in gang gezet die steeds meer onderwijsorganisaties omarmen. “Als je de arbeidsorganisatie zo inricht dat professionals in teams collectief verantwoordelijk zijn voor zowel de inhoud van het aanbod als voor een grotere groep kinderen (in plaats van alleen voor hun eigen groep), levert dit vele voordelen op.” 

Van denken naar doen 

Er is een paradox bij het omarmen van de teamgerichte arbeidsorganisatie. “Als organisatie moet je een keer de knop omzetten om zo te kunnen werken - en dat is een keuze die gemaakt en begeleid wordt door het bestuur, directeuren en andere leidinggevenden”, licht Lotteke toe. “Het kan voor leerkrachten of pedagogisch professionals daarom voelen als iets dat hen wordt opgelegd, terwijl het juist gericht is op het teruggeven van hun vakmanschap.” 

 “TAO is een middel - niet een doel op zich. Het is een manier van kijken naar de organisatie, waarbij je onderscheid maakt tussen de inhoud en de arbeidsorganisatie. De opdracht is om de arbeidsorganisatie zo in te richten dat samenwerken en gedeelde verantwoordelijkheid de uitgangspunten zijn, waardoor je de verantwoordelijkheid voor de inhoudelijke keuzes aan de professionals kunt laten.”

“Zodra je als organisatie het doel van het TAO-model voor ogen hebt, ga je samen nadenken over het ontwerp dat voor jullie werkt”, vult Chris aan. “Binnen Blosse is dat voor de organisatie als geheel én voor alle kindcentra afzonderlijk. Denk aan arbeidsorganisatie vragen als: Hoeveel teams creëer je en hoe pak je dat aan? Hoe begeleiden de teams de groepen kinderen? Hoe gaat de overlegstructuur eruitzien? Hoe ondersteunt een groep leidinggevenden de kindcentra in hun cluster?” 

Personeel aantrekken

Chris en Lotteke helpen organisaties om werken volgens het TAO-model te implementeren. “Over het algemeen wordt er door de meeste mensen heel enthousiast op gereageerd”, vertelt Lotteke. “Maar aan het begin zien we soms ook wat weerstand - vooral bij leerkrachten die al wat langer in het vak zitten. Zij voelen aanvankelijk niet de behoefte om in teams te werken, maar vaak is dat juist de groep die helemaal AAN gaat zodra ze beseffen dat zij hun vakmanschap terugkrijgen.”

__wf_reserved_inherit

“Wat we ook vaak zien, is dat het makkelijker is om personeel aan te trekken en te behouden”, vervolgt Chris. “Veel mensen werken graag samen met anderen en als je op een kindcentrum terechtkomt waar de arbeidsorganisatie heel ‘hokkerig’ is en je in principe alleen voor de klas staat, voelen professionals zich soms erg op zichzelf aangewezen. Kindcentra die werken met het TAO-model en dit in hun vacatures zetten, trekken sneller nieuw personeel aan - dat vervolgens langer blijft.” 

Want, wat Lotteke, Chris en Ben ook hebben gezien, is dat starters in het onderwijs een zachtere landing maken. “Op dit moment stoppen veel starters in het onderwijs binnen vijf jaar weer met hun beroep omdat ze zich eenzaam voelen, veel administratief werk moeten doen en hun ei niet kwijt kunnen in hun werk vanwege de gevestigde orde die nieuwe ideeën afketst”, licht Ben toe. “Wat hen tegenstaat is dus niet de inhoud van het beroep, maar de manier van werken. Als je de arbeidsorganisatie inricht volgens het TAO-model, komen ook de enthousiaste, startende professionals goed tot hun recht omdat ze creatief mogen zijn en zich kunnen optrekken aan hun collega’s.” 

Collectieve morele verantwoordelijkheid

Waarom gaan ook de kindcentra binnen Blosse werken inclusters? “Heel simpel eigenlijk: we willen leerkrachten en pedagogisch professionals hun vak teruggeven", aldus Jeanette. “We geloven dat dit leidt tot de voordelen die Ben benoemt: kwaliteitsverhoging van opvang en onderwijs dankzij collectieve morele verantwoordelijkheid en optimale inzet van ieders kwaliteiten en meer werkplezier voor iedereen binnen Blosse.” 

__wf_reserved_inherit

Remco vult aan: “We vinden het belangrijk dat professionals zelf weer invulling kunnen geven aan hoe zij kinderen begeleiden in hun ontwikkeling. Uiteraard moet het aan eisen voldoen vanuit de wet- en regelgeving, maar binnen dat speelveld krijgen professionals weer de vrijheid om daar samen met de collega’s in hun team invulling aan te geven en de bevoegdheid om keuzes te maken. We willen minder nadruk leggen op protocollen en methodes en meer op de kwaliteiten van ons personeel. Zo kunnen we het onderwijs en opvang beter afstemmen op de behoeften van de kinderen in de groep. Doordat professionals samenwerken aan kindontwikkeling denken wij dat het belangrijke thema’s als inclusie en de overgang van opvang naar onderwijs makkelijker maakt.” 

 “Er is straks een veel groter spectrum competenties beschikbaar voor de kinderen binnen Blosse”, vervolgt Jeanette. ”In een team heb je bijvoorbeeld iemand die rekenkundig sterk is, een leerkracht met een talenknobbel, een pedagogisch professional met passie voor de natuur, een muzikaal talent en een techneut die kinderen leert om met hun handen dingen te maken. Dat is in onze ogen de essentie van het onderwijs en opvang: dat je als kind onder de juiste begeleiding ontdekt waar je interesses en talenten liggen.” 

Op volle kracht naar vakmanschap

“Dit raakt leerkrachten en pedagogisch professionals in hun kern: het boort een intrinsieke motivatie aan”, stelt Jeanette. “Je doet allemaal voor de kinderen, maar op veel scholen is er nu nog een structuur van één leerkracht voor de klas die een programma afdraait ‘omdat het nu eenmaal zo moet’. In teams opereren maakt werken in kindcentra minder eenzaam en er is ruimte om jouw vakmanschap te ontwikkelen. En, heel belangrijk; in een team leren startende professionals van de ervaren garde - maar zeker ook andersom.”

Ben benadrukt dat het TAO-model niet betekent dat de werkdruk daalt, wat sommige teams lijken te denken. “Sterker nog; de intellectuele belasting neemt toe. Maar de energiegevende factoren nemen óók toe. Omdat je samen plannen maakt en de verantwoordelijkheid draagt, heb je steun bij elkaar. Je kunt altijd je creativiteit kwijt in je werk en nieuwe dingen bedenken waar je samen enthousiast over bent. Als dat vervolgens een groot succes is, geeft dat je als team een enorme boost.” 

__wf_reserved_inherit

Blosse: vooruitkijken naar TAO

“We starten dit schooljaar met directieclusters en vanaf schooljaar 26/27 zetten we de stap naar alle Blosse-locaties”, vertelt Remco.“Een aantal locaties zet nu al de eerste stappen en dat gaat heel goed. Wij hebben er vertrouwen in dat teamgericht werken past binnen onze huidige cultuur. Waarschijnlijk gaat het aan het begin hier en daar schuren, maar wij hebben er alle vertrouwen in dat we dit binnen Blosse kunnen.” 

“Uiteraard blijven we op alle kindcentra continu goed reflecteren op het proces en de resultaten. Het is een uitdaging voor iedereen binnen Blosse, maar wij weten zeker dat het heel veel mooie dingen gaat opleveren. Het vereist flexibiliteit van iedereen, maar we blijven reflecteren, evalueren en leren. Fouten maken moed - met een d. Als we allemaal een flinke portie lef tonen, gaat dit op alle Blosse-locaties hele mooie dingen opleveren.” 

Andere verhalen